Klene

1876

1876
1876

Op de zolder in Rotterdam, waar hij in 1876 begon met de productie van suikerwerkschuimpjes en jujubes, zal Johannes Coenradus Klene wel eens gedroomd hebben van een groot en bloeiend bedrijf. Wat hij niet kon hebben vermoed is dat zijn naam ruim 141 jaar later nog steeds staat voor echte kwaliteitsdrop. Drop die wordt gemaakt met dezelfde passie waarmee Johannes Klene ooit is begonnen. En die passie… dat proef je.

1876
1876

In 1866 verhuist de 24-jarige Johannes Klene van Amsterdam naar Rotterdam. Hij trouwt met een Rotterdamse en krijgt twee kinderen. Zijn carrière als fabrikant van suikerwerken en confiseur (bereider van gekonfijte vruchten) begint in 1876, aan de Korte Wijnstraat. Eerst maakt Klene vooral hard suikerwerk, zoals pepermunt. Later doet hij goede zaken met allerlei soorten snoepgoed, zoals koekjes, schuimpjes, chocolade, droppastilles en gomballen. In 1899 bedraagt de winst tweeduizend eenendertig gulden en zevenenveertig en een halve cent! Het bedrijf verhuist in 1903 naar de Bierstraat. De suikerwerken van Johannes Klene slaan aan in Nederland én in Nederlands Indië.

1908
1908

In 1908 wordt Johannes Klene benaderd door zijn collega/concurrent Izaak van Melle een ambitieuze suikerwerkfabrikant die op grote schaal exporteert. Van Melle heeft zelf onvoldoende productiecapaciteit en wil zijn exportlicentie voor Griekenland, het toenmalige Klein Azië en Syrië overdoen aan Klene. De winsten schieten hierdoor omhoog. In 1911 betrekt Johannes zijn zoon Frederik bij het bedrijf. Die haalt zijn vader over om mee te doen aan nieuwerwetse technologieën, zoals de telefoon. Frederiks rol wordt al snel belangrijker. Als Johannes op 72-jarige leeftijd overlijdt, is de overdracht van het bedrijf aan Frederik net afgerond.

1915
1915

Frederik pakt de zaken anders aan dan zijn vader. Hij richt eind 1915 een vennootschap op, samen met koopmansfamilie Blans uit Zaandam en de Hilversumse zakenman Hendrik Bakels: de ‘N.V. Fabriek van Chocolade en Suikerwerken J.C. Klene en Co’. De N.V. koopt een pand voorzien van moderne snufjes als centrale verwarming, elektriciteit en een lift, aan de Looiersgracht te Amsterdam. Als eerste ter wereld komt Klene met snoepgoed in rollen, de Frujetta’s. Telkens als er een naburig pand wordt verkocht of de verhuurder vertrekt, breidt Klene haar ruimte aan de looiersgracht uit. In de crisisjaren, begin jaren ’30, heeft Klene het zwaar. Een klein zonnetje breekt door als in 1937 ‘eenige schlagers’ worden geboekt: de doosjes Ademin pastilles en Nederlandsche Maagpepermunt.

1939
1939

De oorlog maakt de export onmogelijk. Ook de aanvoer van grondstoffen en verpakkingsmateriaal wordt ernstig bemoeilijkt. De voorraden die nog snel voor de inval werden ingeslagen, helpen het bedrijf nog redelijk door het eerste oorlogsjaar. In de loop van de oorlog wordt het steeds lastiger om het hoofd boven water te houden. Klene legt zicht toe op het verwerken van koffie- en theesurrogaten, suiker en andere grondstoffen voor bedrijven. De Duitse bezetters tonen veel interesse in de waardevolle installaties die bij Klene staan. De directie verzint keer op keer een list en weet zo te voorkomen dat het bedrijf volledig wordt leeggehaald.

1946
1946

Na de oorlog stapt Frederik Klene uit de directie maar hij blijft wel aan als adviseur. Na de nodige reparaties in de fabriek kunnen vanaf 1946 weer de vertrouwde Klene producten op de markt worden gebracht. Ook de export komt langzaam weer op gang. De suikerwerken gaan in 1948 van de bon en in 1949 geeft de regering de handel in drop weer vrij. Klene gaat als enige suikerwerkfabrikant naar de beurs. Voortaan heet het bedrijf ‘Klene’s suikerwerkenfabrieken N.V.’ In de jaren ’50 gaan de laatste vooroorlogse generatie directeuren met pensioen. De enige overgebleven Klene in het bedrijf, Simone Klene, overlijdt.

1950
1950

De naoorlogse jaren staan in het teken van opbouw en hard werken, ook op de (vrije) zaterdag. Als op die dag de inspectie bij Klene langskomt, moeten de medewerkers zich verstoppen in de droogkasten of koopt men de inspecteurs om met drop. Voor medewerkers is snoep mee naar huis nemen uit den boze. Bij de uitgang van het pand staat een toverballenautomaat, gevuld met knikkers. Wie een rode knikker trekt, moet z’n zakken leegmaken. Zit er drop in, dan wordt je ontslagen. Ook de Klene-carrières van Willy Alberti en Johnny Kraaykamp komen zo tot een vroegtijdig einde. Vele jaren later bezorgt Klene de gevierde artiest Kraaykamp een palletlading dropjes. Zijn reactie: “Nu hoef ik ze niet meer te stelen…”.

1978
1978

Medio jaren ’70 maakt drop driekwart van de productie uit bij Klene. De aanvoer van een belangrijk ingrediënt, Arabische gom, wordt regelmatig bemoeilijkt door politieke strubbelingen in het Midden-Oosten. Enkele dropfabrikanten grijpen daarom naar goedkopere vervangingsmiddelen, maar Klene voelt daar niets voor. Het bedrijf vaart een eigen koers en houdt vast aan traditionele kwaliteitsproducten. Ook doet Klene niet mee met de fusiegolf in de dropindustrie. Halverwege 1978 breekt er brand uit in een van de Klene gebouwen. De bedrijfsschade is enorm. In 1986 besluit de directie na ruim 70 jaar Amsterdam te verlaten. De keuze valt op Hoorn, waar tot op de dag van vandaag de fabriek van Klene staat

1999
1999

In 1999 doet Van Melle, inmiddels uitgegroeid tot een multinational, een bod op alle uitstaande aandelen van Klene Holding N.V.. Ongeveer tegelijk met deze overname wordt ook het Zwitserse merk Wybert, in 1846 wordt door de Zwitserse arts Dr. Emile Wybert de Wybert ontwikkeld vanaf 1919 op de Nederlandse markt,  overgenomen door Van Melle. Wybert wordt hierna onderdeel van het merk Klene.

2011
2011

Vlak na deze overnames wordt Van Melle overgenomen door het van oorsprong Italiaanse zoetwarenconcern Perfetti. Zo ontstaat de combinatie Perfetti van Melle, een eersteklas speler in de zoetwarenmarkt met vestigingen in 35 landen.